Mapping-opdracht door Departement Omgeving

NIEUWSFLITS 2025/02

Mapping-opdracht Departement Omgeving

In het kader van de Europese Green Deal, het RePowerEU-plan en ‘Fit for 55’ werd eind 2023 een revisie van de Hernieuwbare Energierichtlijn (richtlijn (EU) 2023/2413) goedgekeurd. De REDIII richtlijn houdt twee verplichtingen in waarvoor Departement Omgeving aan VITO NV de opdracht gaf een mapping uit te voeren.  De resultaten van deze opdracht werden ondertussen gepubliceerd door het Departement Omgeving:

 

  1. Potentieel voor grootschalige windturbines

VITO bracht het potentieel met geschikte locaties voor hernieuwbare energie installaties in beeld. Het doel hiervan is om na te gaan of de doelstellingen zoals vermeld in het Vlaams Energie en Klimaatplan ook daadwerkelijk bereikt kunnen worden. Voor Vlaanderen gaat het over een toename van 817 MW geïnstalleerd vermogen tegen 2030.

VITO stelde een referentiescenario op waaruit een beleidspotentieel van 3,8 GW blijkt. Van deze 3,8 GW bevindt zich echter slechts 383 MW (47% van de VEKP doelstelling) in een zone waar geen enkele randvoorwaarde van toepassing is. Bovendien is de realisatie van deze 383 MW in het versnipperde Vlaanderen geen evidentie. Volgens VITO zullen nieuw geïntroduceerde mogelijkheden voor de realisatie van grootschalige windturbines ook daadwerkelijk gebruikt moeten worden, zoals het aansnijden van open ruimte en de ontwikkeling van solitaire windturbines.

Op de overige 3,4GW is er één of zijn er meerdere zachte randvoorwaarden van toepassing zoals risico’s voor vogels en vleermuizen, buffers rond woongebied, luchtvaart en erfgoed.

 

  1. Versnellingszones voor hernieuwbare energie

Van lidstaten wordt daarnaast verwacht dat zij tegen februari 2026 gebieden aanduiden voor de versnelde uitrol van hernieuwbare energie, waar deze projecten waarschijnlijk geen significante milieueffecten zullen teweegbrengen. Vlaanderen focust op windturbines als technologie voor de mogelijke aanwijzing van minstens één versnellingszone.

VITO komt hier tot deze conclusie: Uit de potentieelschatting voor grootschalige windturbines blijkt dat het “laag hangend fruit”, in wat Vlaanderen omschrijft als de eerste (binnen bestaand ruimtebeslag) en tweede trap (nabij infrastructuur), al grotendeels geplukt is. Daarnaast heeft elk huidig project al een project-specifieke aanpak en gaat het zelden over grote, aaneengesloten gebieden. M.a.w. het aanwijzen van versnellingszones voor wind in Vlaanderen is geen éénvoudige zaak.

 

Opvolging door VWEA

VWEA volgt dit dossier op binnen de werkgroep Omgeving en de Stuurgroep.

 

Meer informatie

Publicatie op de website van Departement Omgeving

Deelrapporten: